Historie Haarlemmertrekvaart / Leidsevaart


  [dwn] Stadtsgesigt Leyde c.1675.   [up]  
(klik op de plaat voor 'n vergroting)
• Bron Afb “DB” •
  In de Gouden Eeuw was Leiden met al zijn rijkdom en academische faam de tweede belangrijkste stad van Nederland. In die sfeer leeft de gezellige authentieke Leidenaar in de fraaie historische binnenstad met al zijn grachten al eeuwen samen met de minstens zo gezellige student, de wekelijkse kaasmarkt en de textielindustrie. Rembrandt van Rijn is in Leiden geboren. De beroemdste Leidenaar zou nu in de pittoreske straten en stegen nog altijd zijn weg vinden en tegelijk nog veel ontdekken. Leiden is niet voor niets… de Stad van Ontdekkingen.
­
  Geen stad heeft zoveel beroemde schilders afgeleverd als Leiden: Rembrandt van Rijn, fijnschilder Gerrit Dou, de vrolijke herbergier Jan Steen, Jan van Goyen, Lucas van Leyden, maar ook Theo van Doesburg, die in Leiden De Stijl oprichtte.
­
  Geen stad heeft zoveel fantastische musea bij elkaar. Naturalis (speelse natuurhistorie), 's Werelds eerste botanische tuin, de Hortus Botanicus (sinds 1590), Rijksmuseum van Volkenkunde, Rijksmuseum van Oudheden (o.a.Egypte), Museum Boerhaave (wetenschap), Het Sieboldhuis (Japan), Stedelijk Museum De Lakenhal (Rembrandt en Leiden) en Molen De Valk.
­
  En geen stad reikte de wereld zoveel wetenschappers aan. Nobelprijswinnaars Pieter Zeeman, Hendrik Lorentz, Willem Einthoven en Heike Kamerling Onnes (-273°). Clusius (eerste tulp), Hugo de Groot (boekenkist), Herman Boerhaave (geneesheer), Thorbecke (grondwet) , Einstein (relativiteitstheorie)… allemaal Leiden.
­
  Geen stad inspireerde zoveel schrijvers:
Willem Bilderdijk, Hieronymus van Alphen (“Jantje zag eens pruimen hangen…” ), Nicolaas Beets (Camera Obscura), Albert Verweij, J.C. Bloem, Boudewijn Büch en Jan Wolkers. En nog steeds:
Maarten ’t Hart, Frits van Oostrom en Willem Otterspeer. Logisch dat er juist in Leiden 101 prachtige muurgedichten zijn aangebracht.
­
  Geen stad trekt zoveel mensen als Leiden’s Ontzet. Iedere 3 oktober betekent door de zege op de Spanjaarden in 1574, een stad vol met feestende Leidenaars, oud-Leidenaars en andere belangstellenden. Maar ook feesten, zoals de Leidse Lakenfeesten, Leiden Marathon, Rembrandtfestival, Culinair Festival en de Blues- en Jazzweek zorgen voor veel drukte en gezelligheid in de Leidse Binnenstad.
­
  In Leiden hangt tussen de historische gevels een moderne sfeer van winkelen, terrassen en uitgaan, de sfeer van de Leidenaar met zijn uitgesproken Bourgondische inslag. De cultuur-historische ambiance is nu het decor van een prettig hedendaags leven, waarin de bezoeker van harte welkom is en vooral… veel ontdekkingen doet.
­


  [dwn] Gezicht op Leiden, gezien door de ogen van J.E. Kikkert   [up]  
(1873)
• Bron Afb “RAL” •


  [dwn] Tekening van stellingen rond Leyden (c.1572)   [up]  
(tekening door Hans Lieferinck)
• Bron Afb “MVL” •


  [dwn] Vervoer over weg en water.   [up]  
• Bron Afb “GOIBT” •
  Postkoets en de trekschuit in een der grachten bij Leiden. Op deze oude schoolprent is het Poortgebouw nog net zichtbaar.
­


  [dwn] Tekening in Oost-Indische inkt met pen en penseel
van Paulus Constantijn la Fargué (juli 1771)
  [up]  
Molen 'De Oranjeboom' aan de Zoeterwoudse Singel in Leiden.
• Bron Afb “RVD” •
  De Nederlandse kunstenaar Paulus Constantijn La Fargue werd in 1729 geboren in Den Haag. La Fargue was een telg uit een kunstenaarsgezin. Ook de drie broers en zuster waren schilders.
­
  Paulus Constantijn La Fargue legde zich in eerste instantie toe op het vervaardigen van kamerbehang. Hij werkte onder meer in opdracht van de Haagse kunsthandelaar Gerard Huet. Later specialiseerde hij zich echter in het tekenen en schilderen van stadsgezichten en landschappen. De tekeningen van La Fargue zijn spontaner, dan zijn statisch aandoende schilderijen. Tot 1770 legde hij vooral landschappen in Den Haag en Rotterdam vast. Na dit jaar schetste hij ook in en rond de plaatsen Delft, Haarlem, Leiden en Amsterdam.
­
  Naast landschappen maakte La Fargue ook afbeeldingen van actuele gebeurtenissen, portretten en genrestukken. Zijn werk verscheen ook in boeken. Paulus Constantijn La Fargue overleed in 1782 in 's-Gravenhage.


  [dwn] Stoomlocomotief op station Leiden   [up]  
We kijken in noordelijke richting, de 'Rhynsburgherwegh' af
we staan op het stationsplein bij de tramhalte.
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] In 1937 was er nog ruimte voor het station   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] De spoorwegovergang Stationstraat Leiden   [up]  
(let op de tram / trein kruising in de overweg)
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Standbeeld Herman Boerhaave aan de Stationsstraat Leiden   [up]  
• Bron Afb “AV” •
(nadien van hier verplaatst naar de Rijnsburgerweg, to. LUMC oude ingang)


  [dwn] Beestenmarkt - Leiden   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] De Stille Hooigracht circa 1926   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Vrachtschepen in de Nieuwe Rijn, tussen Hartesteeg en Hooigracht   [up]  
• Bron Afb “RVD” •


  [dwn] Het Gangetje, nog niet gedempt.   [up]  
(rechts het bedrijf van Nutrix)
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Veerdienst Galgenwater in Leiden
Aquarel door J.E. Kikkert (1843-1925).
  [up]  
(de verbinding werd in 1916 opgeheven)
• Bron Afb “DB” •
* * LEIDEN, de stad van Rembrandt van Rijn * *

­
  [dwn] Een wandeling door Leiden   [up]  
  Op onze wandeling door Leiden komen wij veelvuldig sporen tegen van Rembrandt van Rijn. Ook bezoeken wij enkele van de vele hofjes die Leiden zo interessant maken. Op het Galgewater horen we van de historie hierontrent en bewonderen de vele schepen die hier aan de kade afgemeert liggen. De molen aan de Morspoort vertelt ons zijn geschiedenis. Een wandeling door Leiden is wandelen door de historie.
­
* * Historie rond Leiden * *

­
  In 1572 koos de stad de zijde van de anti-Spaanse opstand. De Spaanse landvoogd Requesens sloeg in 1574 het beleg voor de stad. Nadat dit beleg was afgeslagen - het Leidens ontzet van 3 oktober 1574 - kreeg de stad in 1575 een universiteit, de eerste van de Noordelijke Nederlanden. Hiermee betuigde stadhouder Willem van Oranje zijn erkentelijkheid aan de Leidenaren, die het beleg door de Spanjaarden hadden weerstaan, namens koning Filips II. (Dit laatste gaf blijk van een grote ironie. De tot 1580 volgehouden fictie dat de prins van Oranje "den koninck van Hispanjen altijd had geëerd", maar uitsluitend tegen diens gehate stadhouder in opstand was gekomen, diende ook om de mogelijkheid open te laten van een "verzoening" tussen opstandelingen en koning, maar dan wel op voorwaarden van de opstandelingen). Leidens ontzet wordt nog steeds jaarlijks op 3 oktober op grootschalige wijze gevierd. Op deze vrije dag ruikt de stad naar hutspot, en wordt op een centraal punt in de stad haring en wittebrood uitgedeeld.
­
  Tegen het einde van de 16e eeuw ontwikkelde Leiden zich tot een belangrijk centrum van drukkerijen, uitgeverijen en boekhandels. De beroemde drukker Christoffel Plantijn was er enige tijd gevestigd. Een van zijn leerlingen was Lodewijk Elzevier (1547-1617), een telg uit een beroemd uitgeversgeslacht, wiens boekhandel en drukkerij de grootste van Leiden werd (de naam Elzevier werd enkele eeuwen later gebruikt door de grondlegger van het Elsevier-concern). In de 17e en 18e eeuw had Leiden een grote naam op het gebied van de (wetenschappelijke) uitgeverij en boekhandel.
­
  In de 17e eeuw komt de stad tot grote bloei, dankzij de impuls die vluchtelingen uit Vlaanderen geven aan de textielnijverheid. De stad, die voor het beleg van 1574 ongeveer 15.000 inwoners had geteld, waarvan tijdens het beleg ongeveer een derde deel het leven had verloren, was in 1622 tot 45.000 inwoners gegroeid. Mede ook door de aanleg van de handels trekvaart naar Haarlem, in 1657, terwijl omstreeks 1670 zelfs een aantal van tegen de 70.000 werd bereikt. In de Gouden Eeuw was Leiden, na Amsterdam, de grootste stad van Holland. De bevolkingsgroei maakte een aanleg van nieuwe grachten en singels noodzakelijk. Het huidige centrum van Leiden, herkenbaar aan het singelpatroon, werd in 1659 voltooid.
(Bron: Wikepedia)


  [dwn] Het 'Rijnlandshuis', zetel van bestuur en administratie
van 't Hoogheemraadschap Rijnland aan de Breestraat in leiden
  [up]  
(c.1598)
• Bron Afb “AV” •

­

  [dwn] De Breestraat ter hoogte van de Vrouwensteegh   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Reproductie tekening C. Springer,
het Stadhuis van voor de brand in 1929
  [up]  
(Lakenhal - Leiden)
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Het 'Raadhuis' te Leyden in de 16e eeuw.   [up]  
• Bron Afb “DB” •


  [dwn] Het Rapenburg in Leiden.   [up]  
• Bron Afb “GOIBT” •


  [dwn] Vismarkt in Leiden   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] De Zijlpoort - Leyden c.1678.   [up]  
• Bron Afb “DB” •


  [dwn] Vrachtschepen in de Oude Rijn Leyden,
geheel links de bakkerij en graanpakhuis
  [up]  
• Bron Afb “DB” •


  [dwn] De oude bakkerij aan de Oude Rijn   [up]  
• Bron Afb “AV” •
  De bakkerij aan de Oude Rijn t.b.v. de armen, het pand stamt uit 1755 en er werden oa. granen opgeslagen ten behoeve van de huiszittende armen. Op de gevel is een steen aangebracht waarin gebeiteld staat: Graan Magazijn voor den Armen Anno MDCCIV. Aan de behoeftigen werd brood, gebakken van ongebuild meel, verstrekt. De achterzijde van het pand kwam uit aan de Haarlemmerstraat, waar oa. de soepkokerij was gevestigd. In 1932 is de luifel en in 1937 het zeer merkwaardig geconstrueerde dak gesloopt.
Op de achtergrond de Kerkbrug over de Oude Rijn.
­


  [dwn]Plaat van molen 'De Oranjeboom' en het 'Kruithuis Oostenrijk' in Leiden c.1904.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  Stellingkorenmolen De Oranjeboom dateert uit 1734 en werd rond 1903/1904 afgebroken. De molen stond nabij de kruising van Geregracht en de Zijdgracht aan de oostzijde van de Koepoort op de vestwal bij het Kalverstraatje. De Oranjeboomstraat herinnert ons aan de molen.
­
  Van deze molen zijn best wel veel afbeeldingen bekend. De gevelsteen van de molen is later in de gevel van de meelfabriek aan de Oosterkerkstraat geplaatst. De Zijdgracht werd in 1886 gedempt. Na verbreding van de gedempte Zijdgracht kreeg het de naam Korevaarstraat, genoemd naar de vooruitstrevende wethouder Korevaar.
­


  [dwn] Gezicht op de Rijn - Leiden   [up]  
• Bron Afb “HANNEKE” •


  [dwn] Molen 'de Oranjeboom' aan het molenerf gezien
vanaf de smalle brug langs het Philosophenpad
  [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Oranjegracht - Leiden   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Molen 'De Oranjeboom' aan het Plantsoen (c.1771)   [up]  
• Bron Afb “RVD” •


  [dwn] Zijlgracht voor de demping in 1886   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Herdenkingspenning (Leiden) uit 1683   [up]  
• Bron Afb “RAL” •
Klein is zij niet voor allen de enige.
(Navigatio = scheepvaart)

­


  [dwn] P.C. la Fargué - Herenpoort   [up]  
Leiden - 1772
• Bron Afb “DB” •


  [dwn]Singel tussen Mare- en Rijnsburgse Poort.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  Een tekening in oostindische inkt met pen en penseel van Paulus Constantijn la Fargué 1771. De Rijnsburgse Poort is in de verte te zien; de stadswal bevindt zich links. Na aanvankelijk behang te hebben ontworpen ontwikkelde Paulus zich tot een expliciet kunstenaar in stads- en dorps gezichten, met pen en penseel.
­


  [dwn]Houthandel Noordman aan de Haagweg Leiden.   [up]  
• Bron Afb “RAL” •


  [dwn] Houtmarkt - Leiden   [up]  
• Bron Afb “HANNEKE” •


  [dwn] Leiden, Bloemmarkt   [up]  
• Bron Afb “GOIBT” •


  [dwn] Gezicht op het Rapenburg (P.C. la Fargué 1778)   [up]  
• Bron Afb “MLL” •

­

  [dwn] Het Rapenburg in 1890   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Gezicht op 'den Burght' over de Nieuwe Rijn   [up]  
• Bron Afb “AV” •


  [dwn] Gravure op koper van 'Den Burgt'.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
Op 24 april 1651 kocht Stadt Leyden de burgt voor 70.000 van de toenmalige burggraaf Claude Lamoraal, prins de Ligne

­


  [dwn] De burght in 1578, tekening van Hans Lieferinck   [up]  
• Bron Afb “RAL” •


  [dwn] Gravure op koper 'De Morspoort'.   [up]  
• Bron Afb “DB” •


  [dwn] Toegangspoort Doelenkazerne 1915.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  Deze poort, gebouwd in 1645, hoorde bij de vroegere St. Jorisdoelen. Paarden en kanonnen konden erdoor, zodat de poort behouden kon blijven.
­

  [dwn] De Morspoort Kazerne.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  De Morspoortkazerne dateert van 1824 en is in 1854 vergroot. Op de Prentenbriefkaart anno 1909 is duidelijk te zien dat de vleugel aan het Galgewater later is verhoogd.
­

  [dwn] Een drietal 'Bereden Officieren'.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  Sinds het begin van de 19e eeuw was Leiden een van de grootste Garnizoensteden van Nederland. Hier passeert een drietal 'Bereden Officieren', twee cavaleristen en een artillerist (de middelste) de hoek Noordeinde Kort Rapenburg, omstreeks 1905.
­
  In de 19e eeuw zou er enige verbetering optreden in de desolate sociaal-economische situatie, mede dankzij de spoorlijn, maar het aantal inwoners was omstreeks 1900 nog steeds niet ver boven de 50.000 opgeklommen. Pas in 1896 begon Leiden zich uit te breiden buiten de 17e eeuwse singels. Vooral na 1920 vestigden zich nieuwe industrieën in de stad, zoals de conservenindustrie (oostelijke binnenstad) en metaalindustrie (Hollandse Constructie Groep). In 1866 werd de stad getroffen door de laatste grote epidemie (cholera) die in 1868 leidde tot de start van de bouw van het nieuw Academisch Ziekenhuis (waar nu het Rijksmuseum voor Volkenkunde is gevestigd).
­
  In 1896 breidt Leiden uit buiten de singels door annexatie van delen van Leiderdorp, Oegstgeest en Zoeterwoude (in 1920 en 1966 volgen nieuwe grote annexaties). De eerste door Leiden nieuwgebouwde wijk in dit gebied wordt de statige burgemeester- en professorenwijk ten zuiden van de Zoeterwoudsesingel. Met de bouw van deze wijk wordt in 1906 begonnen. Rond 1920 wordt het eerste grote sociale woningbouwproject, de wijk De Kooi, gerealiseerd.
­
  Tot groot verdriet van velen ging in de strenge winter van 1929 het stadhuis in vlammen op. Van het pand bleef alleen de gevel aan de Breestraat overeind staan. Wel waren enkele kostbare schilderwerken zeer kort voor de brand ter restauratie overgebracht naar een andere locatie.
­
  Tijdens de Tweede Wereldoorlog is Leiden zwaar getroffen door geallieerde bombardementen. De omgeving van het station en de Marewijk (tegenwoordig de omgeving van het Schuttersveld en de Schipholweg) zijn vrijwel geheel platgegooid.
­
  Het huidige Leiden profileert zich vooral als een centrum van wetenschappelijke kennis en nieuwe technologie. Daarnaast speelt ook het toerisme een steeds belangrijkere rol in deze historische museumstad.

­


  [dwn] De ingang naar de Morspoort Kazerne   [up]  
• Bron Afb “KVL” •


  [dwn] Leiden, Haven   [up]  
• Bron Afb “GOIBT” •


  [dwn] Marekerk over de Oude Rijn bezien (P.C. la Fargué 1770)   [up]  
• Bron Afb “DB” •


  [dwn] De geuzen naderen de Lammenschanspoort   [up]  
• Bron Afb “LD” •


  [dwn]De Haarlemmertrekvaart, net voor Leiden.   [up]  
• Bron Afb “BGL” •
  De Haarlemmertrekvaart vindt zijn oorsprong in Leiden bij de Mare. Hier een prent, waar links de houtzaagmolen 'De Herder', rechts een glimp van de nog steeds bestaande molen 'de Heem', molen 'de Valk' en in de verte een diversity aan kerktorens, o.a. de Marekerk en de Pieterskerk.
­

  In de 18e eeuw raakt de textielnijverheid in verval. Door protectionistische maatregelen in Frankrijk was de concurrentiepositie verslechterd. Bovendien moesten de lonen relatief hoog zijn, omdat de kosten van levensonderhoud in het gewest Holland hoog waren vanwege de hoge belastingdruk. De Leidse textielondernemers gingen toen delen van het productieproces verplaatsen naar "lage-lonenlanden": Twente en de omgeving van Tilburg! Het gevolg was een gestage daling van het inwonertal van Leiden, dat eind 18e eeuw tot 30.000 was gedaald en omstreeks 1815 een dieptepunt van 27.000 zou bereiken.
­
  Op 12 januari 1807 werd de stad door een catastrofe getroffen toen een aan de oostkant van het Rapenburg aangemeerd buskruitschip ontplofte. Ongeveer 150 burgers kwamen hierbij om het leven. Koning Lodewijk Napoleon bezocht persoonlijk de stad om de hulp aan de slachtoffers te coördineren. Op de plaats van de door de ontploffing veroorzaakte "Ruïne" werden later het Van der Werffpark en het Kamerlingh-Onnes-laboratorium aangelegd. In 1842 werd de voor Leiden zeer belangrijke spoorlijn naar Haarlem in gebruik genomen. In 1843 kwam de verbinding met Den Haag tot stand.

­

  [dwn] Daags na de kruit ontploffing in Leiden   [up]  
• Bron Afb “RAL” •
  Het kruitschip lag om onbekend gebleven reden, aangemeerd bij het van der Werfpark Steenschuur), nadat het de dag tevoren daar via de Haarlemmertrekvaart was aangekomen. Alhoewel het niet exact bekend is vermoed men dat de kapitein een eitje aan het bakken was en hierdoor een enkel vaatje kruit ontplofte. Door die ontploffing ontstaken ook de andere 360 vaten buskruit en de ontploffing was zo luid, dat deze in het noorden van Drenthe werd gehoord.
Het gebeurde op 12 januari 1807, de schade was zeer groot, er sloeg een gat in de huizenrij van wel 300 meter en geen ruit bleef in de weide omtrek heel. De ramp kostte zeker aan 160 mensen het leven en er waren duizenden gewonden. Onderdelen van het kruitschip werden 900 meter verder aangetroffen.
­
  In 1481 vloog er ook al iets in de lucht in Leiden. Maar toen bleef de schade beperkt tot vernieling van het toenmalige stadhuis.
­
  Naar aanleiding van de Vuurwerkramp in Enschede werd in 2001 de Vuurwerkfabriek KAT bij de spoorlijn Leiden-Haarlem gesloten en in Culemborg herbouwd.


  [dwn] 12 Januari 1807 kruitramp Leiden.   [up]  
• Bron Afb “RVD” •


  [dwn] Tekening kruitramp 12.01.1807   [up]  
• Bron Afb “LD” •
  In Leiden zijn ze vermoedelijk dol op vuurwerk, want behalve de stadhuisramp in 1481 en de kruitschip-ramp in 1807 vliegt er elk jaar voor vele euro's aan VUURWERK de lucht in rond de jaarwisseling.
­


  [dwn] Kruitramp Leiden   [up]  
• Bron Afb “RVD” •
200 Jaar geleden ontplofte aan het Steenschuur in Leiden een vrachtschip met 369 vaten buskruit aan boord. De ravage was onvoorstelbaar en er vielen veel doden en gewonden. De exacte toedracht van de ramp is nog steeds onduidelijk. Het is altijd als vast gegeven beschouwd dat de eigenaar is omgekomen. Maar recent onderzoek heeft aangetoond dat de schipper op het moment van de fatale klap thuis zat, in zijn herberg in Delft.
­
Lezing
Arti Ponsen, hoofdauteur van het boek Het Fataal Evenement. De buskruitramp van Leiden in 1807, geeft een lezing in De Lakenhal. Onder de titel Het verhaal van de schipper werpt zij nieuw licht op de oorzaak van de ramp.
­
Het begeleidende boek van Ponsen is in de museumwinkel te koop voor € 39,-.
­
071 - 516 53 60 of postbus@lakenhal.nl


• Bron Afb “KVL” •

­

• Bron Afb “KVL” •

­

• Bron Afb “KVL” •

* * LEIDEN, KEY TO DISCOVERY
  [up]  

  [dwn] Leiden, sleutelstad van de randstad   [up]  
( www.leiden.com )

­


  [dwn] Situatieschets van begin van de Haarlemmertrekvaart   [up]  
• Bron Afb “RAL” •
  Links is het Zuiden; De Mare is links, de stad inlopend, het witte gedeelte van onder naar boven is de Stadswal (deze is er niet meer). In deze wal was ook het Poorthuys (Marepoort), in het midden van de tekening zichtbaar.
Rechts loopt de 'Haerlemsche Treck-Vaert', daarlangs de Maredijk, de oude weg naar kasteel Poelgeest, 't Huys Abtspoel en zo naar Warmond. Naast de stadswal ziet u ook nog Stads Westgracht; tegenwoordig ook nog aanwezig.


  [dwn] Houtzaagmolen in Leiden   [up]  
• Bron Afb “GOIBT” •


  [dwn] Het Buurtschap Groenoord bij Leiden.   [up]  
• Bron Afb “GH” •
  Een kleine kaart uit circa 1850 waar goed de 'Haerlemsche Treck-Vaert' op zichtbaar is en de eerste bebouwing erlangs. Ook zie je duidelijk de boerderij van de fam. Zwetsloot (inmiddels gesloopt).
­


  [dwn] De Marepoort te Leyden.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  De locatie van de stallen van de trekpaarden, vlak buiten de Marepoort in Leiden.

* * Veerdienst op 'Die Maern' Leiden * *
Dit is dat Hueg Spruyt ende Paidze Pieterszoen als vestmeesters ontfangen ende uutgegeven hebben van der stede wegen van Leyden, beghinnende t’ Sinte Martijnsdage in den winter anno 1400 een ende ’tsestich duerende tot Sinte Martijnsdage toe anno 1462; dat’s een termijn van enen helen jare, in welken zij rekenen 15 placken voir ’t pont
­
Eerst ontfanck
­
Van den poortmeesters ontfaen alse Jacop van Zonnevelt, Buckel Heerman, Jacop van Noorde ende Willem van Zwieten all ’tghene dat sij van poorters ontfangen hebben na uutwijsinge hore rekenynge ende beloipt 64 £
Van den poortmeesters voirscr. ontfaen all ’tghene dat van correxiën gecomen is an gelde na uutwijsinge hore rekenynge ende beloipt 8 £
Van den poortmeesters voirscr. noch ontfaen all ’tghene dat die vestmeesters voirscr. hemluyden ter rekenynge gebrocht hebben ontfaen van alrehande cleyne perchelen na uutwijsinge hoir rekenynge ende beloipt 37 sc

­


  [dwn] Buurtschap 'Groenoord' aan de Haarlemmertrekvaart   [up]  
• Bron Afb “HG” •
  De rivier 'Die Maern' vindt zijn oorsprong bij de nu geheten Maredijk (Groenoord), waarvan hier een afbeelding. Vanaf de aanleg van de vaart in 1656 heet het tot heden 'Haerlemsche Treck-Vaert'.


  [dwn] Die 'Die Maern' bij Leiden.   [up]  
• Bron Afb “GH” •
  Links de Maredijk, in de verte links de molen 'De Herder' en rechts (aan de horizon) ziet u nog huize 'Groenoord'. De spoorlijn lijkt op deze afbeelding nog niet aanwezig; hij dateert waarschijnlijk van rond of nog voor 1850.
­


  [dwn]Situatie Haarlemmertrekvaart in de omgeving van stellingmolen 'De Herder'.   [up]  
• Bron Afb “HHSRH” •
  De route werd nadien nog eens gewijzigd i.v.m. de aanleg van het spoortraject bij de komst van de trein na 1842.

* * Stellingmolen 'De Herder' (Anno 1884). * *


  Deze stellingmolen werd in 1884 gebouwd nadat de voorganger, een paltrok, op 5 september 1883 door blikseminslag werd verwoest. Voor de herbouw werd houtzaagmolen De Kat vanuit Amsterdam naar Leiden overgebracht.
­
  Tot ca. 1926 functioneerde de molen op windkracht. Na installatie van moderne snelzaagramen was de windkracht molen tot 1941 niet meer in gebruik. In dat laatste jaar werd 'De Herder' met kunst- en vliegwerk weer maalwaardig gemaakt, maar na de oorlog kwam de molen definitief tot stilstand.
Tussen 1941 en de restauratie van 1965 was de molen 'half-verdekkerd': Oudhollands met een stroomlijnneus aan de achterzijde.
De restauratie van 1965 leidde niet tot nieuwe activiteit: de molen verkeerde in behoorlijke staat en werd goed onderhouden maar draaien was er niet meer bij. Pas vanaf 1975 werd er weer door een vrijwillig molenaar gedraaid. Ondertussen werd een nieuwe grote restauratie steeds meer noodzakelijk.
Tenslotte werd de molen eind jaren '80 stilgezet. Vooral de vierkante onderbouw was erg slecht: feitelijk stond de molen op een zeker moment nog maar op twee van de vier poten!
Een door de eigenaar voorgesteld plan om de molen draaivaardig te restaureren maar tevens ook in te richten als woning, stuitte eind jaren '90 op veel weerstand in molenkringen.
Uiteindelijk werd de molen tussen 1998 en 2000 toch gerestaureerd en is er een woning naast de molen gebouwd in een stijl, die veel op de zaagschuren lijkt.
­
  In de molen is de oude snelzaagmachine uit 1920 teruggeplaatst en deze kan in principe met windkracht worden aangedreven. Van de oorspronkelijke aandrijving resteren, behalve bovenwiel en bovenschijf, nog het spilwiel en het krukwiel. Opmerkelijk en weinig bekend is dat de kokers, waardoor het vangtouw vroeger van buitenaf naar de zaagvloer kon worden geleid, alle nog aanwezig zijn (zij het ongerestaureerd).
­
  De molen wordt tegenwoordig af en toe in werking gesteld door enkele medewerkers van molenmakerij Verbij.
­

  [dwn] Een oude foto van molen 'De Herder'.   [up]  
• Bron Afb “MDB” •


  [dwn] Molens aan de Haarlemmertrekvaart.   [up]  
• Bron Afb “RVD” •
  De wipmolen aan de Maredijk (Anno 1735) tussen de 'Haerlemmer Treck-vaert' en Boerhaavelaan.
­

  [dwn] Molen 'De Herder'   [up]  
• Bron Afb “RVD” •
  De Haarlemmertrekvaart, vroeger 'Die Maern' geheten was toen heel wat breder dan men nu, gezien de huidige afmetingen zou vermoeden. Door de loop der jaren zijn namelijk de aanliggende rietlanden dichtgeslibt met zand en ander materiaal en hierbij is de oorspronkelijke rivier behoorlijk versmald. Tenslotte werd hij, t.b.v. de aanleg van de vaart, in 1644 ook nog gekanaliseerd.
­
  Ook is er een verplaatsing geweest van de trekvaart. Toen de spoorweg werd verbreed, werd de trekvaart bij Leiden omgelegd: daardoor kwam de molen ('n paltrok) naast de Haarlemmertrekvaart te liggen.
­

* * Hollanders en het water * *


  [dwn] Spreuk bij Leidens Ontzet c.1574.   [up]  
• Bron Afb “RVD” •


  [dwn] Jan Jansz Orlers was in 1633 Burgemeester van Leiden   [up]  
• Bron Afb “RAL” •


  [dwn]De 'Nachtwacht' Schilder Rembrandt van Rijn.   [up]  
• Bron Afb “MDZT” •


  [dwn] Leidsch Ontzet 1574   [up]  
• Bron Afb “GOIBT” •



* * Viering Leids ontzet. * *
Hutspot
­
  De Leidenaren vieren elk jaar, al vanaf 1880, hun "leidens ontzet" op 3 oktober. Nog altijd wordt er traditiegetrouw hutspot geserveerd voor degene die zich daar (tevoren) voor laat inschrijven. Voor het recept van 3000 magen is ruim 700 kilo aardappelen, 370 kilo peen en 450 kilo uien benodigd; met als klapstuk 310 kilo (klapstuk) in 300 kilo jus gedrenkt.
De rundernekken, zoals Henk van de Slot zijn geliefde stoofvlees al 13 jaar noemt hebben volgens traditioneel recept 24 uur gesudderd tussen de laurierbladeren. Eet smakelijk!
­
Natuurlijk eet u ook hutspot op 3 oktober; wij doen altijd 2/3 aardappels , 1/3 peen en uien, maar u mag gerust zelf ook de juiste verhoudingen proberen vast te stellen. Als u de klapstuk bij de slager niet kunt vinden, geen nood want riblappen voldoen ook uitstekend.
­

­
Het Leidse volkslied
­
Leiden trots van Neerlands steden
Parel van het Hollands land
Stad van heden vol verleden
Stad van werk met hart en hand
Plaats van dromen en van daad
Waar ieder blijft en niemand gaat
Leiden stad van denken en doen
Stad van mijn hart door nu en toen
­






  [dwn] Stadskaart van 'Leyden'.   [up]  
• Bron Afb “DB” •
  Een oude 'stadtscaert' van Leiden, de stadswallen markeren hier nog duidelijk het grondgebied. Er zijn nog geen wijken erbuiten gebouwd. Aan de bovenzijde zien we, waar de 'Haerlemsche Treck-Vaert' in Leiden begon.
­
  De stad ontstond als dijkdorp aan de voet van een kunstmatige heuvel aan de samenvloeiing van de Oude en de Nieuwe Rijn. In de oudste vermelding daarvan, omstreeks 860, werd het toenmalige dorp Leithon genoemd. In de op deze heuvel gelegen burcht zetelde aanvankelijk een leenman van de bisschop van Utrecht, maar de burcht kwam omstreeks 1100 in handen van de graaf van Holland.
  De gunstig gelegen nederzetting kreeg in 1266 bevestiging van de reeds eerder verleende stadsrechten en ontwikkelde zich met haar bloeiende lakennijverheid tot een van de grootste steden van het gewest Holland. In 1389, toen de bevolking tot ongeveer 4000 was gegroeid, moest de stad worden uitgebreid met het stadsdeel tussen Rapenburg (tevoren de zuidrand van de stad) en de Witte Singel.
  Een bijzonderheid van Leiden is de aanwezigheid van uitgebreid archiefmateriaal over het buurtleven en buurtorganisaties (de zogenaamde gebuurten), dankzij een vroegtijdige en onophoudelijke overheidsbemoeienis, die zelfs teruggaat tot de 14e eeuw. Dit staat in detail beschreven in het boek Buurthouden van historicus Kees Walle (Uitgeverij Ginkgo, 2005).
  In 1420 werd Leiden, in het kader van de Hoekse en Kabeljauwse twisten veroverd door hertog Jan van Beieren.
­



* * Varen door Leiden is varen door historie * *

  [dwn] Varen in Leiden is varen door de historie   [up]  

Laat u meevoeren door de prachtige historie van Leiden. Geniet acht minuten van de geschiedenis van Leiden dat zijn oorsprong vond in 860 na C. in de delta van de toenmalige Rijn. In de film vaart u mee met Hein op zijn sloep en bezoekt allerlei rustieke plekjes, grachten en singels. Tevens wordt er in de film ruimschoots vertelt over allerlei historie over de stad.




­


KLIK HIER
­
om het menu van collages op te roepen, alwaar u een keus kunt maken uit diverse plaatsen langs de blauwe ader van de Bollenstreek
voor meer afbeeldingen en informatie


­


­
  naar boven (up) MAIL Telwerkje Pageviews   Hoofdmenu